Aanpakken van de loonkostenhandicap, verlagen van de belastingdruk en een efficiëntere en kleinere overheid zijn dé ondernemersprioriteiten voor de volgende federale en Vlaamse regering. Meer dan 90 procent vindt dit primordiaal. Bovendien moet de financiering voor een significante loonlastenverlaging vooral komen uit besparingen, niet uit een verhoging van belastingen. Dat blijkt uit een bevraging van Unizo-Limburg en VKW Limburg bij 500 Limburgse ondernemingen in het kader van de zogenaamde ‘moeder aller verkiezingen’ op 25 mei 2014.

Specifiek voor Limburg moet volgens de ondernemers en bedrijfsleiders alles op alles gezet worden voor maximale extra lastenverlagingen voor bedrijven die investeren en jobs creëren. Ook moeten eindelijk de gekende mobiliteitsproblemen voor Limburg opgelost worden.

Na de 3 genoemde topprioriteiten, volgen andere wensen als een administratieve vereenvoudiging in vergunnings-procedures (voor 8 op 10 ondernemers), de hervorming van het werkloosheidssysteem (voor 3 op 4) en een beter sociaal statuut voor zelfstandige ondernemers (ook voor 3 op 4).

Geen vermogensbelasting
De financiering van een significante loonlastenverlaging moet volgens Limburgse ondernemers in de eerste plaats komen van besparingen in overheidsuitgaven (voor 8 op 10), een sterkere overheidsefficiëntie (voor 6 op 10) en een rationalisering van de sociale zekerheidsuitgaven (voor 1 op 2). Pas daarna volgen andere financieringsmanieren, via een gerichtere bestrijding van de fiscale en sociale fraude (voor 1 op 2) of via terugverdieneffecten (voor 4 op 10). Belastingverhogingen kunnen niet voor Limburgse bedrijven: hogere consumptiebelastingen (BTW, accijnzen, …) kunnen nog net voor 1 op 10, maar een vermogenswinstbelasting, meer milieubelastingen of hogere kapitaalsbelastingen zijn uit den boze.

Bart Lodewyckx, directeur Unizo-Limburg: “Het is duidelijk dat een lastenverlaging de topprioriteit is en blijft voor ondernemers, zowel qua loonlasten als andere belastingen op ondernemen. Bijna alle bevraagde Limburgse ondernemers, van klein tot groot, wijzen op het belang van deze prioriteiten. Meer ondernemen en meer jobs door minder lasten en belastingen is dus waar we voor gaan. We vragen aan onze politici niet om duizenden nieuwe jobs te beloven, maar wel om een ondernemersvriendelijk klimaat te creëren. Met lagere loonkosten, een transparanter fiscaal systeem en minder administratie.”

stalmans lodewijckxEconomische prioriteiten voor Limburg
Puur economisch vragen meer dan 9 op 10 Limburgse ondernemers maximale extra lastenverlagingen voor bedrijven die investeren en jobs creëren. Voor 3 op 4 Limburgse bedrijven is daarenboven ook de aanpak van mobiliteitsproblemen in onze provincie (realisatie Noord-Zuid, IJzeren Rijn, weg- en spoorverbindingen Antwerpen en Brussel, …) een strijdpunt voor de volgende regeringen.

Daarna volgen ondersteuning en begeleiding op het vlak van innovatie (voor 3 op 4 ondernemers), investeren in meer arbeidsmarktgerichte opleidingen (eveneens voor 3 op 4), ondersteuning en begeleiding van startende ondernemers (voor 7 op 10) en het aantrekken van nieuwe buitenlandse investeringen (voor 2 op 3 Limburgse bedrijven).

Evaluatie van het voorbije regeringsbeleid

Zowel de Vlaamse als de federale regering worden door Limburgse ondernemers gebuisd op de vraag of ze voldoende rekening hebben gehouden met de noden van het bedrijfsleven. Vlaanderen kan nog 3 op 10 ondernemers overtuigen, de federale regering slechts 1 op 10. De grootste achteruitgang wordt ervaren op het vlak van de 3 topprioriteiten.

Jos Stalmans, gedelegeerd bestuurder VKW Limburg: “Uit een rapport van de OESO is gebleken dat België van alle landen het meest aan economische groei zou winnen door de nodige hervormingen op vlak van arbeidsmarkt, pensioen en belastingen. Een verandering van beleid zou dus vooral in België resultaten opleveren, met een fundamentele groei (+8% GDP per capita op 5 jaar) van de welvaart. Onze beleidsmakers dragen een verpletterende verantwoordelijkheid als men dit negeert. De komende regeringen hebben nu een uitgelezen kans om gedurende vijf jaar een gericht, op elkaar afgestemd en rechtlijnig beleid te voeren dat de nodige veranderingen doorvoert, zonder tussentijdse verkiezingen.”.