Staalbouw Overpelt wil kleine speedboot zijn

Nu Staalbouw Overpelt door de crisis een flinke tik heeft gekregen, is afgevaardigd bestuurder Tony Rutten absoluut niet de man om in een hoekje te gaan uithuilen. “Het klopt dat we al in 2009 een groot stuk van de omzet hebben moeten prijsgeven,” vertelt hij.

Tony Rutten (midden) denkt aan familiale opvolgers.

“De grotere projecten in Duitsland, maar vooral in Nederland zijn toen weggevallen. Bovendien heeft ook onze vastgoedpoot in die periode minder opportuniteiten gezien.” Zo is Staalbouw Overpelt van 18 naar 12 miljoen euro gegaan. ” 2010 was niet beter, en ook dit jaar merken we weinig van een heropleving. Er zijn iets meer kleine projecten, maar de grote blijven vooralsnog uit. Maar echt erg vinden we dat niet. Ten eerste is omzet geen doel op zich. We houden liever ons hoog niveau van service en kwaliteit aan en het eindresultaat boven nul, dan wanhopig op zoek te gaan naar omzet. Ten tweede is desondanks ons personeelsbestand ongeveer intact gebleven. Ook dat is belangrijk. En ten derde word ik weldra 60 jaar en wil ik het bedrijf graag overlaten aan mijn zoon Kris. Door wat af te slanken wordt het voor hem iets beter beheersbaar en kan hij zelf in eigen tempo de verdere groei uitstippelen. Tot slot zijn we in deze vorm ook meer flexibel, wat een extra troef is. We voelen ons goed in de rol van een kleine speedboot, vergeleken met een logge olietanker…”

Het bedrijf blijft intussen investeren in moderne machines. “Dat doen we voortdurend. We hebben het meest moderne materiaal dat er bestaat. En we evolueren steeds mee met de tendensen. Zo zal de ‘groene golf’ van energiezuinig en milieuvriendelijk bouwen zich ongetwijfeld doorzetten naar de industriebouw in heel Europa. Hierin willen wij voorop lopen, en dat vergt permanente bijscholing en investeringen. We zijn en blijven dus ambitieus.”