Sperperiode blijft (voorlopig) zoals het was

De hele heisa rond het al dan niet afschaffen van de sperperiode, is een maat voor niets gebleken. Althans voorlopig. De betrokken beroepsfederaties, de federale overheidsdienst economie en minister Vande Lanotte zeggen dat alles blijft zoals het was. De heisa ontstond toen bekendraakte dat het Hof van Cassatie een vonnis had geveld in een zaak tussen Unizo en Inno over de handelspraktijkenwet. Comeos, de federatie van warenhuizen en winkelketens, besloot daaruit dat het Hof van Cassatie de sperperiode van tafel veegde. Unizo en NSZ beweerden dat er niks aan de hand was.

Unizo en de minister Vande Lanotte vonden elkaar heel snel in dit dossier, hoewel ze een dag eerder nog zwaar in de clinch hadden gelegen over de ‘ondernemersonvriendelijke’ uitspraken van de minister.


“Het arrest van het Hof van Cassatie heeft inzake de sperperiode een vonnis geveld dat gebaseerd is op de Handelspraktijkenwet van 1991. Die wet is in 2010 gewijzigd. Over deze nieuwe wet heeft het Hof van Cassatie zich nog niet uitgesproken,” laat de FOD Economie (ambtenaren van het departement Economie) weten.

Deze dienst benadrukt ook dat er streng zal gecontroleerd worden en dat overtredingen zullen geverbaliseerd worden. De solden zelf staan niet ter discussie. Enkel tijdens de soldenperiodes is verkoop met verlies toegelaten, zo stelt de FOD Economie nog.

Voorlopig?
Unizo en NSZ hebben tevreden gereageerd op de afspraken die zijn gemaakt. Maar dat kan voorbarig blijken. Want blijkbaar loopt er bij het Hof van Cassatie nog een zaak, waarbij de gewijzigde wet (en niet de oude wet) het voorwerp van juridische discussie is.

De eerstvolgende sperperiode loopt van 6 december tot en met 2 januari, en dan mogen er geen kortingen worden aangekondigd. Daarna volgen de wintersolden.