Ergens in de middenmoot. Daar situeert Limburg zich als de provincies worden vergeleken qua aantal bedrijven die als snelle groeiers worden bestempeld. Het criterium dat hiervoor wordt gehanteerd, is dat het bedrijf in 3 opeenvolgende jaren het personeelsaantal met telkens minstens 20 procent wist te verhogen. Volgens een studie van Voka op basis van gegevens van de Nationale Bank, voldeden in de periode 2008-2011 in Vlaanderen 475 bedrijven aan dit criterium. (Het gaat dan wel om de bedrijven met minstens 10 werknemers). “Daarvan komen er 65 uit Limburg,” weet onderzoeker Yannick Dillen. “Daarmee zit Limburg op het gemiddelde. Dat er in Antwerpen en Oost-Vlaanderen meer snelle groeiers zijn, kan te maken hebben met de aanwezigheid van grote agglomeraties als Gent en de stad Antwerpen. We merken dat erg ambitieuze ondernemers eerder geneigd zijn zich hier te vestigen of hier de voedingsbodem vinden om sneller het groeitraject af te leggen.” West-Vlaanderen scoort het slechtst op dit vlak.

Capra in HalenOpvallend is dat deze toplaag van bedrijven in Limburg wel erg veel nieuwe banen creëert. Waar de 65 Limburgse groeiers in 2008 3.788 mensen tewerkstelden, was dit in 2011 opgelopen tot maar liefst 7.991. Dat betekent een toename van 4.203 jobs of 111 procent.

Bekijken we enkele namen van Limburgse bedrijven die het erg goed deden in deze periode, zitten daarbij uitzendbedrijven die in de aangegeven periode veel meer mensen op de payroll genomen hebben, zoals Actief (Lummen) en Tobasco (Hasselt). Een aantal andere ondernemingen zijn ook via overnames sterk gegroeid (Cegeka, Ineos,…). Maar ook misschien minder te verwachten namen, zoals geitenkaasmakerij Capra in Halen (zie foto, en lees artikel hier), Oeterbeton of VNW Transport van de familie Vandeput in Houthalen-Helchteren.