De speciale erkenning als ‘ontwrichte zone’, waarbij Limburgse bedrijven die investeren, onder bepaalde voorwaarden een fikse korting krijgen op de bedrijfsvoorheffing, wordt amper gebruikt. De maatregel, die de loonkost tijdelijk 4 tot 5 procent kan verlagen, is nog te weinig gekend. De onduidelijke voorwaarden zorgen bovendien voor een beperkte populariteit, zo blijkt uit een enquête die VKW Limburg en Unizo Limburg hierover organiseerden.

ontwrichtingLimburg werd op 1 mei 2015 officieel erkend als ‘steunzone’ of ‘ontwrichte zone’ en dit als extra maatregel om de tewerkstelling aan te zwengelen na de sluiting van Ford Genk. Bedrijven die op een industrieterrein zijn gelegen in een straal van 40 km rond Genk, en investeringen doen, krijgen voor hun nieuwe personeelsleden de eerste 2 jaar een korting op de bedrijfsvoorheffing van 25 procent. “Een goede maatregel, die zeker moet behouden blijven, aangezien het gaat om een loonkostvermindering van 4 tot 5 procent,” zeggen Unizo en VKW Limburg. Maar: hHet voorbije jaar diende slechts 4 procent van het potentieel een dossier in. Ook na de versoepeling van de voorwaarden, is de impact dus heel beperkt.

De belangrijkste reden is dat 1 op 4 bedrijven nog nooit van de maatregel gehoord heeft. Een even grote groep heeft er wel van gehoord, maar de mogelijkheden voor het eigen bedrijf nog niet bekeken. Bovendien is er een probleem qua rechtszekerheid en zijn er een aantal sectoren, regio’s en clusterformules (incubatoren) die niet in aanmerking komen voor de steun.

Unizo en VKW vragen dan ook een bijsturing, in de eerste plaats naar extra communicatie. “Er moet ook absoluut vermeden worden dat ondernemers na 3 of 5 jaar geconfronteerd worden met een terugvordering”, vindt Bart Lodewyckx van Unizo Limburg. “Voor de rechtszekerheid is het belangrijk dat bedrijven op korte termijn weten of het dossier al dan niet wordt goedgekeurd. Nu kan het gebeuren dat ze alsnog worden afgewezen nadat ze de korting hebben toegepast.”

Jos Stalmans van VKW Limburg vult aan: “We vragen meer transparantie en duidelijkheid, alsook een bijsturing van de lijst met Limburgse bedrijvenzones die in aanmerking komen. Het kan toch niet dat incubatoren zoals C-mine, Bioville en Agropolis, toch bij uitstek Limburgse broedplaatsen van nieuwe bedrijven, hierop ontbreken…”