Bij de werknemers van Ford Genk is ongerustheid ontstaan over een maatregel van de RVA. Die houdt in dat heel wat mensen die straks ontslagen worden, een deel van hun dopgeld na ontslag mislopen. Na een interventie van de vakbonden is de maatregel voorlopig in de koelkast gestopt.

In de tekst van de RVA (Koninklijk Besluit van 24 oktober 2013 tot wijziging van artikel 46 van het Koninklijk Besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering…) staat dat vergoedingen die bij ontslag worden betaald boven het wettelijke bedrag (allerhande ontslag- en anciënniteitsvergoedingen en premies) voortaan als loon zullen beschouwd worden. Er moet dus RSZ op betaald worden én ze kunnen niet gecumuleerd worden met werkloosheidsuitkeringen. Werknemers die vanaf 1 november 2013 ontslagen worden met extra premies, zijn dus de dupe. Zo dus ook de Ford-werknemers, die pas einde 2014 hun ontslag krijgen. Hun premies worden omgezet in een periode dat ze geen dopgeld zullen krijgen. Dit kan meerdere maanden duren (vanaf januari 2015).

De aankondiging van de maatregel zorgde voor grote onrust in de Genkse fabriek. Afgevaardigden van de vakbonden trokken in allerijl naar Brussel om er met de RVA-top te overleggen. Die stopt de maatregel voorlopig in de koelkast en vraagt de regering om tussen te komen. Er wordt een uitzondering gevraagd voor bedrijven die al voor 1 november 2013 een ondertekende CAO hebben afgesloten. Op die manier zouden de werknemers van Ford en de toeleveringsbedrijven toch stempelgeld krijgen vanaf de dag dat ze ontslagen worden eind 2014.

(Lees meer in Het Belang van Limburg…)

KMe/DC