Na meer dan vier jaar onderzoek en ontwikkeling heeft Foamglas uit Tessenderlo een nieuwe soort isolatie op de markt gebracht. Naar eigen zeggen gaat het om de meest radicale productinnovatie in 30 jaar. Basismateriaal voor het isolerende cellenglas zijn gerecycleerde autoruiten.

Foamglas, een dochter van Pittsburgh Corning Group, stelt in Tessenderlo ongeveer 370 mensen tewerk. De productiefaciliteit levert isolatiemateriaal in Europa en het Midden-Oosten. De isolatie is gemaakt van cellenglas, een hardschuim dat voor minstens 60 procent bestaat uit gerecycleerd glasmateriaal, zoals autoruiten. Het cellenglas wordt gebruikt om gebouwen te isoleren, en heeft als voordeel dat het ongevoelig is voor water(damp), krimp, schimmel, corrosie of temperatuurswisselingen.

Door een nieuwe technologie toe te passen op de productie van het cellenglas, is Foamglas er nu in geslaagd om het isolerend vermogen met meer dan 12% te verbeteren. “Dat lijkt misschien bescheiden, maar in een sector die meestal met ministapjes vooruitgaat, is het een zevenmijlspas”, zegt Vice President Building, Grégoire Morel. Het vooronderzoek besloeg ongeveer 3 jaar, met nog eens 1,5 jaar productietesten en een investering van 1,2 miljoen euro in nieuwe technologie. “Dankzij de knowhow en de creativiteit van onze mensen hebben we het productieproces radicaal hervormd. Bovendien wordt het zonder meerprijs ten opzichte van het oorspronkelijke product aan onze klanten aangeboden. We zijn uiteraard trots om met deze innovatie de grenzen van cellenglas verlegd te hebben.”