Hallucinant tafereel voor de Hasseltse rechtbank vorige week. Een Limburgse ondernemer moest zich verantwoorden voor zogenaamde faillissementsfraude. “Het gaat al jaren slecht in onze business,” zegt hij liever anoniem. “Ik doe al het mogelijke om overeind te blijven en ben met een grondige sanering bezig. Het bedrijf bestaat historisch uit vele vennootschappen, waarvan er 3 waren die kampten met een achterstand bij de BTW. Ik koos ervoor om eerst het personeel te betalen, zodat we toch open konden blijven en we inkomsten konden genereren om de BTW-schuld aan te zuiveren. Ik ben hiervoor meerdere keren met de directeur van de BTW gaan praten. Hij raadde me aan om verder advies in te winnen bij officiële instanties. Daar stelde men mij voor om de boeken neer te leggen. Dat heb ik dan ook gedaan, hoewel er nog 1 kwartaal verschuldigd was bij de BTW.”

rechtbank hasseltIn de rechtbank kreeg de ondernemer echter te horen dat hij moedwillig de zaken overkop heeft laten gaan. De procureur eiste een celstraf van 2 maanden en 4 jaar handelsverbod. De ondernemer en zijn advocaat vielen uit de lucht. “U bent precies wereldvreemd,” foeterde de advocaat. “Als u hier alle ondernemers moet oproepen die een kwartaal achterstand hebben bij de BTW of RSZ dan is er in het gerechtsgebouw meteen voldoende geld om al het onderhoud te betalen…”. De uitspraak volgt in september.