Sinds dienstenchequebedrijf Het Poetsbureau in 2007 door Jo Mellemans en Elly Huysmans werd opgericht, is het uitgegroeid tot het grootste in zijn branche. Bijna vijfduizend huishoudhulpen zijn er nu al aan de slag. Daarmee is het bureau uit Beringen nog niet verzadigd. De komende weken worden er vijf nieuwe kantoren geopend, met name in Lokeren, Halle, Tervuren, Westerlo en Meise. Daarmee komt het totaal op 57 vestigingen.

Van de bijna 5.000 huishoudhulpen werken er 1.200 in Limburg. Ze zijn verspreid over een netwerk van zowel eigen kantoren als franchisenemers. Met 190 eigen medewerkers is Het Poetsbureau al een uit de kluiten gewassen kmo geworden en precies daarom werd recent Kathy De Bruyne aangeworven als HR-manager. Zij verdiende eerder haar strepen bij Carrefour en Prem Group.

In tegenstelling tot heel wat andere dienstenchequebedrijven, is de groei van Het Poetsbureau niet gevoed door overnames. “We groeien inderdaad alleen op eigen kracht”, bevestigt CEO Jo Mellemans (41). “De grootste uitdaging daarbij is het vinden van voldoende huishoudhulpen. Voor veel mensen is het een tijdelijke job of een opstap naar iets anders. Dat betekent dat wij – net als andere dienstenchequebedrijven – af te rekenen hebben met een behoorlijke uitstroom. En toch slagen wij erin om elke maand zo’n honderd huishoudhulpen extra te vinden. Dat is een netto aangroei, welteverstaan.”

Een oversteek naar Wallonië of Brussel ziet Mellemans niet zitten. “Om de simpele reden dat de systemen in de drie regio’s flink uit mekaar zijn gegroeid sinds de regionalisering van de materie”, legt hij uit.

Momenteel is één op de negen werkende vrouwen in ons land actief in het systeem van dienstencheques. Dat is 4,8 procent van de totale werkende bevolking, zo heeft Het Poetsbureau zelf becijferd op basis van officiële gegevens. De dienstencheque-economie is dus een ‘serieuze’ sector geworden. “Al wordt het systeem wel eens bekritiseerd wegens de subsidies, het blijft een zinvolle manier om kortgeschoolden aan een job te helpen waarin ze zich kunnen ontplooien”, besluit de CEO.