Liefst 44% van de Belgische bedrijven was gedurende het voorbije jaar slachtoffer van cybercriminaliteit. Het is de tweede meest voorkomende vorm van economische criminaliteit in ons land.

44% is beduidend meer dan de wereldwijde score van 23% en enorm veel meer dan twee jaar geleden, toen cybercrime nog niet eens een aparte vermelding waard was. Er zijn steeds meer gevallen van datadiefstal, computervirussen, hacken van computers en phishing. Dat besluit PwC-Belgium in een nieuwe studie waarin economische criminaliteit wereldwijd wordt vergeleken.

Volgens Rudi Hoskens van PwC neemt cybercriminaliteit niet alleen toe omdat het voor de crimineel minder risico’s oplevert dan gewone economische misdrijven. De dader moet immers niet fysiek aanwezig zijn op de plaats waar hij zijn misdrijf pleegt en dus is de kans op betrapping een stuk kleiner. Het is ook moeilijker om de dader te identificeren, hij bevindt zich soms in een ander land met andere rechtsregels, waardoor hij moeilijk te vatten is.

Hoskens is verbaasd dat zeven op de tien bedrijven de sociale mediasites niét controleren en een derde zegt dat het personeel het voorbije jaar geen opleiding kreeg in cyberveiligheid. “Die onderschatting is niet goed, want om een probleem aan te pakken, moet je het eerst kennen. Volgens de studie zegt 38% van de Belgische bedrijven dat ze slachtoffer waren van één of andere vorm van economische criminaliteit. De top-vijf van de economische crimaliteit is volgens de Belgische bedrijven: verduistering van bedrijsgoederen, waarvan 69% zegt hiervan slachtoffer te zijn geweest in het voorbije jaar. Gevolgd door cybercriminaliteit (44%); corruptie (22%); witwassen van misdaadgeld (19%, of dubbel zoveel als wereldwijd) en het vervalsen van boekhouding (9%).